In de Rig Veda (de oudste religieuze tekst van India) wordt gesproken van de zeven vlamtongen van Agni, de god van het vuur. (boek X, hymne VI, vers 5). Hoewel dit concept niet verder wordt uitgewerkt, is het zeker dat niet alleen een technische beschrijving wordt gegeven van de aspecten van vuur. Ook wordt verwezen naar de spirituele weg van de mens, vooral omdat in dezelfde hymne gezegd wordt dat de wijze een zevenvoudig pad is gegaan. Naast de Vedische is er in India ook een tantrische traditie waarin de gedachte van een zevenvoudig pad verder en op praktische manier is
uitgewerkt. Centraal in de tantra staat de opvatting dat het lichaam het beste instrument is om het raadsel mens en zelfs de mysteriën van het heelal te kunnen doorgronden. Dit wordt uitgedrukt in de stelling: wat niet in het lichaam is, is nergens.
Men kan de chakra’s omschrijven als niveau’s van het bewustzijn. Ze zijn gegroepeerd rond de wervelkolom: vanaf de stuit omhoog naar de kruin en van daaruit stralend naar omlaag, naar voren en omhoog. De twee lagere chakra’s (rond de stuit en het heiligbeen) verbinden de mens met de aarde,
de natuur en de dieren. De drie hogere (rond de nek, het achterhoofd en de kruin) openen de mens naar de kosmos en het goddelijke. De twee chakra’s in het middendeel (lenden- en borstwervels) hebben te maken met ons “menszijn” en met alle vreugde en tegenslag die daarmee samenhangt.
De onderste chakra (muladhara chakra) is het bewustzijn van het overleven, van de gezondheid en van de fysieke kracht. Het maakt het mogelijk (als het goed functioneert) dat we voedsel, veiligheid en bescherming kunnen vinden. In principe weet de mens vanuit dit chakra wat het juiste voedsel is en
waar de beste plek is om te overleven. Wanneer dit bewustzijn niet goed werkt, kiezen we de verkeerde dingen om te eten, hebben we een slechte reuk en een slechte stoelgang.
De tweede chakra (svadisthana chakra) is het bewustzijn van de instandhouding van de soort. Sexualiteit is het middel om de mens te laten voort bestaan. Verder is het bevredigen van alle genot een aspect van dit chakra. Daar ligt wel een valkuil wanneer de verlangens niet getemperd worden door een spiritueel besef.
Manipura chakra, de derde chakra, komt het beste overeen met wat we ervaren als het eigen ik, het besef een individu te zijn. Het geeft de mens de mogelijkheid om zijn eigen toekomst te bepalen, situaties te beoordelen, te analyseren en logisch te denken. Dit is de chakra waarin we ons beginnen te onderscheiden van de dieren. De gevaarlijke en ongewenste kanten van dit bewustzijn zijn overdreven geldingsdrang en machtsmisbruik.
In de vierde chakra (de nahata chakra) wordt de mens zich bewust van zijn spiritualiteit. Het heeft de eigenschappen van opoffering, mededogen en toewijding, het vermogen van de mens om onvoorwaardelijk lief te hebben. In de grote religies van de wereld wordt het hart gezien als het centrum van devotie en het is vooral daar dat men voelt een geestelijk wezen te zijn.
De vijfde chakra is de chakra van swami’s, monniken en yogi’s. Hier zetelt het verlangen naar stilte en eenzaamheid en naar onthechting van al het wereldse. Het is het domein van de zuivere klank (de mantra). Voor de meeste mensen wekken de woorden stilte, eenzaamheid en onthechting gevoelens op van saaiheid, droefheid en zelfs angst. Het zijn de geestelijk en moreel sterken, de mensen die hun diepste angsten hebben overwonnen, die dit bewustzijn kunnen betreden. Het is een voorwaarde om eerst de vijfde chakra te hebben doorgrond, voordat de zesde chakra (ajña chakra) kan worden binnengegaan. Hier manifesteert zich het licht van het bewustzijn. Vanuit dit chakra “ziet” men het heldere onderscheid tussen waar en onwaar, tussen geest en stof. De wetten van het heelal worden door deze chakra geopenbaard. Nederigheid (vierde chakra), onthechting (vijfde chakra), discipline en meditatie zijn de belangrijkste krachten om toegang tot dit chakra te krijgen.
De zevende chakra (genoemd het chakra van de duizendbladige lotus) is zowel een hoog en moeilijk bereikbaar als een in de kern eenvoudig bewustzijn. Dit kan het best omschreven worden als
“tevredenheid”, het ervaren dat ‘alles is zoals het is’ en dat ‘zoals het is, is het goed’. Het is het vermogen van de verlichte mens om te zien dat alles goddelijk is, dat alles wat we waarnemen en ervaren een manifestatie is van het bewustzijn. In de gnostieken geschriften wordt god als volgt omschreven: “God is als een cirkel, waarvan het middelpunt overal en de omtrek nergens is”. Niet als een intellectueel principe, maar als een innerlijke ervaring kennen de Vedische rishi, de verlichte yogi, de westerse en de oosterse mysticus de
vanzelfsprekendheid van deze gedachte. Het is ook daar dat de spirituele tradities van Oost en West elkaar ontmoeten.
Voor meer informatie over chakra’s of over erkende yogadocenten kunt U contact opnemen met Jos Plenckers (tel. 020-6429890.)