Denken is kenmerkend voor mensen. Voor zover we kunnen nagaan zijn deze twee onlosmakelijk met elkaar verbonden. U heeft toch ook nooit gehoord van een vereniging van lotusbloemen dat de watertemperatuur onderzoekt of een unie van lieveheersbeestjes, die nadenkt over en zich inzet voor betere arbeidsvoorwaarden? Daarentegen zijn in alle menselijke samenlevingen sporen van ‘denken aan te wijzen. Denken is hiermee specifiek voor de mensheid. Het bepaalt de identiteit van de mens, als soort en als persoon.
Er was eens een leerling van een groot spiritueel leraar die van zijn guru drie jaar lang geld moest geven aan een ieder die hem beledigde. Na drie jaar, toen de proefperiode voorbij was, zei zijn guru tegen hem: Nu kun je naar de heilige stad om je te verdiepen in Wijsheid. Aangekomen bij de poorten van de heilige stad, zag de leerling daar een oude wijze man zitten die iedereen beledigde die kwam en ging. Hij beledigde ook de leerling, die echter in lachen uitbarstte. Waarom lach je als ik je beledig? vroeg de wijze man. Omdat ik drie jaar lang heb moeten betalen om dit soort verwensingen naar mijn hoofd geslingerd te krijgen en nu beledigt u mij voor niets! Betreed de heilige stad, zei de wijze, zij staat geheel tot uw beschikking Het feit dat de leerling in staat is om dingen van een ander gezichtspunt te bekijken, stelt hem in staat om effectief met een lastige situatie om te gaan. Als we dingen van een andere kant kunnen bekijken, kan dat één van de krachtigste wapens zijn in onze strijd tegen de dagelijkse problemen in het leven. Maar gedachten komen en gaan, hoe leren we ze optimaal te benutten?
Een gedachte is niet iets concreets, zoals een schilderij, slang of schoen iets concreets is. Gedachten zijn abstracte hersenspinsels, je kunt ze niet vasthouden of aanraken. Ze zijn grillig en zakken weg. Ook nu ik dit aan het schrijven ben, dringen allerlei verschillende gedachten zich aan mij op. Hoe zal het gaan met mijn vriendin die nu in het ziekenhuis ligt, ik moet nog een koffer kopen voor mijn vakantie en zo passeren nog veel meer gedachten de revue. Ze komen en gaan, net als je ademhaling. Maar gedachten kunnen iemand ook zodanig in beslag nemen, dat het zelfs een obsessie kan worden, je kunt dan aan niets anders meer denken.
In gedachten liggen inzichten en kennis opgeslagen, ze kunnen de identiteit van de mens, zijn positie in de werkelijkheid en zijn visie op verbetering daarvan verblinden of verlichten. Gedachten bepalen hiermee dus de kwaliteit van iemands leven en daarmee iemands geluk. Gebeurtenissen van buitenaf hebben minder invloed op het ervaren van geluk dan je geestestoestand. Zo kan succes een tijdelijk gevoel van vreugde teweegbrengen of een tegenslag een periode van depressie. Maar vroeg of laat komt ons algemeen niveau van geluk terug op een bepaalde basislijn. Psychologen noemen dit proces adaptatie. Wat er ook gebeurt in iemands leven, zonder aandacht voor het mentale aspect, hebben uiterlijkheden erg weinig invloed op onze geluksgevoelens op lange termijn. Er zijn samenlevingen die materieel gezien hoog ontwikkeld zijn, maar toch zijn er veel mensen die zich hierin niet erg gelukkig voelen. Net onder de mooie oppervlakte van welvaart heerst een mentale onrust. De toestand van de geest heeft dus een geweldige invloed op onze ervaring van het dagelijks leven.
Als negatieve gedachten je geest overheersen ontwikkel je jezelf tot een heel ander persoon dan wanneer positieve gedachten bepalend zijn voor je levenshouding. Onderschat de kracht van je eigen gedachten dus niet. Dit waren enkele hersenspinsels over gedachten. ❖
Sharmila Badloe
uit: OHM Vani, oktober/december 2001